Mooi groen is niet leleijk. Het kleine tongvarentje (Phyllitis scolopendrium) is een juweeltje in zijn soort. Het varentje heeft fijne ongeveerde, god-groene leerachtige bladeren. Hij verraadt zijn achtergrond doorspeciale bladeren met aan de onderzijde dikke bruine strepen. Varens vormen geen zaden, maar planten zich voort met behulp van sporen, die op de plaats van de bruine strepen te vinden zijn. ’s Winters sterven de sporendragende bladeren af en blijven alleen de gewone bladeren over. Afhankelijk van de variëteit is de bladrand gekarteld, gegolfd of vrijwel glad. Voor wie p zoek is naar wat robuuster groen voor op het terras of balkon zijn er de kleine conifeertjes, zoals Thuja occidentalis ‘Rheingold’ Westrsw levensboom wordt hij ook wel genoemd. Deze oranjegele bol met heel zacht loof behoudt heel lang een dwergvorm.